dinsdag 11 september 2018

Erich Kästner: Lyrische Huisapotheek (Recensie)


ERICH KÄSTNER EN PAUL VAN DEN HOUT
 
Erich Kästner (1899-1974) is een jeugdherinnering van talloze ex-scholieren voor wie de roman Drei Männer im Schnee (1934) de eerste Duitse leeservaring betekende. Intrigerend blijft het lot van Kästner. Hij kreeg van de nazi’s meteen in 1933 een publicatieverbod, werd meermaals door de Gestapo aangehouden, maar hij verliet Duitsland niet. Uitgeverij De Wilde Tomaat van Joan Ter Maten, het domein van onmiskenbaar kwaliteitswerk dat grote uitgevers oncommercieel zullen vinden, komt nu met een tweetalige dichtbundel van Kästner, Dr. Erich Kästners Lyrische Huisapotheek. Oorspronkelijk verscheen dit boekje in 1936 in Zwitserland. In 1941 kwam een exemplaar in het getto van Warschau in handen van de latere criticus en tv-persoonlijkheid Marcel Reich-Ranicki (1920-2013). Het boekje was geleend en moest weer terug: daarop besloot zijn toekomstige echtgenote Teofila Langnas 56 van de 119 gedichten gekalligrafeerd over te schrijven, van illustraties te voorzien en samen te binden als verjaardagscadeau voor haar geliefde. Dit manuscript is naast de vertaling integraal afgedrukt. Paul van den Hout (1939-2015), bekend van de vertaling van Sikram Veths versroman The Golden Gate (1995), herdichtte Langnas’ keuze – en hij deed dat virtuoos. Hij veroorlooft zich soms niet geringe vrijheden, maar het resultaat doet nauwelijks voor de Duitse versie onder.  Kästner schreef light verse, vol zwarte humor, over alledaagse kommer en kwel en dodelijk saaie levensroutine. We zitten allemaal in hetzelfde bootje, dat is de teneur, uitgedragen in het overrompelende gedicht ‘De spoorwegmetafoor’: ‘We reizen allen in één trein / op weg naar ons heden-in-spe. / Het uitzicht boeit, of doet ons pijn. / We zitten allen in één trein, / vaak in de verkeerde coupé.’ Menig genadeschot  gaat hier af, zoals naar bewoners van een bejaardenhuis: ‘Wie hier zitten weg te kwijnen, / zij weten één ding goed: / dat de trein naar ’t levenseinde / geen halte meer aandoet.’ De inleiding van Van den Houts Leidse studievriend en oud-advocaat Piet Wackie Eysten (1939) stond eerder in dit blad (2016, nr. 4). Wackie Eysten, auteur van enkele boeken over muzikale onderwerpen, komt alle lof toe dat hij dit manuscript van de vergetelheid heeft gered. Het resultaat is een omvangrijk boek, een van de beste die ik in deze rubriek besprak, waarin een versvertaling, gettomanuscript en uitgeefgeste naar een onlangs overleden vriend op unieke wijze samenvallen.
       Tegelijkertijd verscheen, ook weer tweetalig en met aquarelillustraties van William Blake, een geslaagde vertaling door anglist Cornelis Schoneveld (1935) van Elegy Written in a Country Churchyard van Thomas Gray (1716-1771). Het blijft een van de bekendste Engelse gedichten, waarvan je, althans in de jaren zeventig, ook nog op school hoorde.

Erich Kästner, Dr. Erich Kästners Lyrische Huisapotheek. Vert. Paul van den Hout. 2017. 189 pp. € 32,50 | Thomas Gray, Treurzang geschreven op een dorpskerkhof. Vert. Cornelis W. Schoneveld. 2017. 27 pp. € 10 (Uitgaven van De Wilde Tomaat, Overtoom 387-hs, 1054 JN Amsterdam dewildetomaat@ziggo.nl)

| Eerder verschenen in de rubriek 'Schoon & haaks', in De Parelduiker 22 (2017), nr. 4, pp. 70-71.